INHOUDSOPGAVE
3.Uitnodiging voor de 38ste ALV van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum op 18 maart 2017
5.Wybo Boersma ontvangt de ‘Richard Holmes Award’
6.In Memoriam Peter Wilkinson
7.Kleine expositie over Audrey Hepburn
7.Dreyeroord blijft voortbestaan
8.Het uitladen van de Horsa glider
11.Steel wall at Arnhem, The destruction of 4 Parachute Brigade, 19 September 1944
12.MINISTORY nummer 125: Een kort verslag van opgravingen in het weiland achter de Oude Kerk in Oosterbeek, die werden uitgevoerd in 1997 en 1998
19.Programma 2017

Omslag: Achter de Oude Kerk in Oosterbeek, waar in september 1944 de 75mm Pack Howitsers van ‘F’ Troop van het 1st Airlanding Light Regiment RA waren opgesteld, zette een re-enactment groep op 17 september 2016 opnieuw een kanon van dit type neer. Daarmee werd een aantal losse flodders afgevuurd, hetgeen een bijzonder spectaculair beeld opleverde. (Foto: Judith Minkman)

De Jaarvergadering op 19 november 2016 in de Concertzaal in Oosterbeek. (Foto: Arjan Vrieze)

UITNODIGING VOOR DE 38STE ALV VAN DE VERENIGING VRIENDEN VAN HET AIRBORNE MUSEUM OP 18 MAART 2017

Op zaterdag 18 maart 2017 zal de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum plaatsvinden. Het is de gewoonte dat we bij aanvang van deze vergadering stil staan bij het overlijden van die leden die ons in het achterliggende jaar zijn ontvallen. Begin januari zijn we ook geconfronteerd met het totaal onverwacht overlijden van onze interim-voorzitter Alex Koning. Alex was nog maar kort onze voorzitter, maar hij was voortvarend bezig met die nieuwe verantwoordelijke taak. Door zijn overlijden is er voor het bestuur een geheel nieuwe situatie ontstaan. Tijdens de bestuursvergadering van 18 januari 2017, die heeft plaatsgevonden in aanwezigheid van de commissie van wijze mannen bestaande uit Paul Tirion en Okko Luursema, is vastgesteld dat Gerard Gijsbertsen in de komende periode naast de functie van secretaris ook de functie van voorzitter zal waarnemen.
Er is tijdens dat overleg tevens geconcludeerd dat moet worden doorgegaan op de reeds door Alex Koning ingeslagen weg. Alex heeft in het Beleidsplan het volgende vastgesteld:

MISSIE

De doelstelling volgens de statuten is: Het waar mogelijk belangstelling te wekken voor het Airborne Museum te Oosterbeek door:
a. Het verlenen van steun en bijstand aan het Airborne Museum.
b. Het houden van vergaderingen, lezingen en excursies.
c. Het bevorderen en verspreiden van kennis met betrekking tot de Slag om Arnhem en Operation Market Garden.
d. Andere legale middelen die in overeenstemming zijn met de doelstelling van de vereniging.
Het bestuur en de wijze mannen zijn het er over eens dat er als eerste hard gewerkt moet worden aan het herstel van het invulling geven aan het eerste deel van deze missie. Dit is vastgelegd in de eerste Doelstelling uit het Beleidsplan, zijnde: “Goed contact en wederkerige samenwerking met het Airborne Museum, zowel met het bestuur en de directie, alsmede met de medewerkers en de vrijwillligers”
Alex gaf aan dat dit moet plaatsvinden door middel van een “gelijkwaardige wederkerige samenwerkingsafspraak, waar beide partijen maximaal hun voordeel uit kunnen halen, elk vanuit hun eigen doelstelling.” Hiertoe zal op korte termijn overleg plaatsvinden tussen een delegatie van het bestuur van de VVAM en een delegatie van het bestuur van de Stichting Airborne Museum met als inzet te komen tot een wederzijds verplichtende overeenkomst tussen de partijen. Alleen op basis van een dergelijke heldere overeenkomst kunnen partijen aanspraak maken op elkaars ondersteuning.

AGENDA

Algemene Ledenvergadering Vereniging Vrienden van het Airborne Museum

Datum: 18 maart 2017
Aanvang: 14.00 uur, zaal open 13.30 uur
Plaats: Concertzaal, Rozensteeg 3 te Oosterbeek
1. Opening
2. Mededelingen en In Memoriam
3. Verslag 37ste (Extra) Algemene Ledenvergadering dd 19 november 2016
4. Jaaroverzicht 2016
5. Financieel verslag 2016
6. Verslag kascommissie
7. Begroting 2017
8. Besluitvorming verhoging contributie m.i.v. 1 januari 2018
9. Benoeming reservelid kascommissie
10. Ontwikkelingen in de relatie tussen VVAM en Airborne Museum
11. Programma 2017
12. Rondvraag
13. Sluiting
Er is een pauze van 15.00 uur tot 15.30 uur Na de pauze zal Martin Peters een lezing geven over het in april 2016 verschenen boek “Desert Rise – Arnhem Descent”, dat hij samen met Niall Cherry, John Howes en Graham Francis heeft geschreven over het 10e Parachutisten Bataljon tijdens de Tweede Wereldoorlog. Deze lezing duurt tot ca. 17.00 uur.
Gerard Gijsbertsen (voorzitter & secretaris)
Eric Paap (penningmeester)

Vanwege de huidige situatie zullen er op 18 maart 2017 nog geen bestuursbenoemingen mogelijk zijn. De commissie van wijze mannen zal haar taak voortzetten om te komen tot een nieuw bestuur. Derhalve zullen de huidige bestuursleden (Gerard Gijsbertsen, Eric Paap, Wybo Boersma en Frits Miedema) hun taken blijven uitvoeren totdat er een vernieuwd bestuur in de eerstvolgende (extra) ALV aan u kan worden gepresenteerd. Het bestuur heeft de begroting besproken en geconcludeerd dat na jaren van gelijkblijvende contributie een verhoging noodzakelijk is geworden. Dit is een gevolg van de gestaag stijgende kosten voor het Magazine en de afspraak die met het museum is gemaakt om jaarlijks een vergoeding te betalen voor de vrije entree van de leden aan het museum. Het bestuur wil u voorstellen de contributie met ingang van 2018 te verhogen van € 22 tot € 25 voor een individueel lidmaatschap en van € 30 naar € 35 voor een gezinslidmaatschap. Tijdens de vergadering zal hierover een besluit moeten worden genomen.
Er is vastgesteld dat de Britse leden van de vereniging zich niet altijd gelijkwaardig behandeld voelen. Zij hebben geen stemrecht op de ALV en ontvangen zowel het Engelstalige Magazine als diverse (vertaalde) berichtgeving veel later dan de Nederlandse leden. Binnen het bestuur dient een functie te worden ingesteld die de contacten met de Britse leden waarborgt. Voor het stemrecht geven aan de buitenlandse leden zullen de statuten moeten worden aangepast. U zult te zijner tijd in deze voorgenomen aanpassingen worden betrokken.

WYBO BOERSMA ONTVANGT DE ‘RICHARD HOLMES AWARD’

Tijdens de jaarlijkse ledenbijeenkomst van de International Guild of Battlefield Guides in Highgate House in Northampton ontving ons bestuurslid Wybo Boersma op 14 januari 2017 de ‘Richard Holmes Award’. Wybo ontving deze prijs uit handen van Mike Peters, de voorzitter van de Guild, in aanwezigheid van de weduwe van Professor Richard Holmes. De aanwezigen gaven Wybo een staande ovatie.
De Richard Holmes Award wordt sinds 2011 ieder jaar toegekend aan een lid van de Guild, dat speciale erkenning verdient voor de persoonlijke bijdragen aan de verbetering en verdere ontwikkeling van de GBG. De toekenning van de prijs aan Wybo is mede een erkenning van de inspanning van de Nederlandse leden voor de Guild. De Nederlanderse leden vormen de grootste groep buiten Groot Brittannië. Vier Nederlanders hebben inmiddels de officiële badge van de Guild.

Wybo Boersma, die zojuist de Richard Holmes Award heeft ontvangen, poseert met mevrouw Holmes en de drie andere Nederlandse ‘badged’ leden van de GBG voor de fotograaf. (Foto: Willem Kleyn)

De Richard Holmes Award dankt zijn naam aan de eerste beschermheer van het GBG, Professor Richard Holmes (1946-2011), die een belangrijke rol speelde bij de oprichting en ontwikkeling van de Guild. Holmes was ook in Nederland bekend, vooral door de televisie-uitzendingen in de jaren negentig van zijn programma ‘War Walks’ door de BBC. Een van die uitzendingen ging over de Slag bij Arnhem en werd onder meer opgenomen in het Airborne Museum. Hij was auteur van meer dan 20 boeken over militaire geschiedenis en over slagvelden. Daarmee leverde hij een belangrijke bijdrage aan de toename van de belangstelling voor een bezoek aan slagvelden en bevorderde hij bij het grote publiek een breder begrip voor de militaire geschiedenis.
De prijs heeft de vorm van een zilveren beeldje van een soldaat van de Essex Yeomanry uit periode 1914-1918 – een Tommy van de Territorial Army. De keuze van het ontwerp komt voort uit het feit dat Richard Holmes zelf diende in de Essex Yeomanry en in veel van zijn werk de geest en de prestaties van de Britse Tommy vereeuwigde.

IN MEMORIAM PETER WILKINSON

Een van de veteranen die ons in de afgelopen tijd is ontvallen is Peter Wilkinson. Hij overleed op 20 januari 2017 op 94-jarige leeftijd. In september 1944 was Lieutenant Peter ‘Sam’ Wilkinson MC Command Post Officer van No 3 Battery, 1st Airlanding Light Regiment Royal Artillery. Vanaf 18 september 1944 stonden de 75mm Pack Howitsers van ‘E’ en ‘F’ Troop van No 3 Battery opgesteld ten zuiden en ten westen van de Oude Kerk in Oosterbeek. Peter Wilkinson had zijn commandopost in een huisje aan het Kerkpad, direct achter de Regimental Aid Post, die was gevestigd in het huis van de familie Ter Horst. Ondanks de onophoudelijke zware Duitse beschietingen wist Peter de commandopost vrijwel tot het einde van de strijd in bedrijf te houden. Hij slaagde erin om in de nacht van 25 op 26 september 1944 met het restant van de divisie over de Rijn te ontsnappen. Peter keerde verschillende malen terug naar Oosterbeek en fungeerde zelfs een paar keer als Leader of the Pilgrimage. Hij bleef trouw contact houden met de mannen van zijn regiment. In zijn landhuis in het dorpje East Haddon bij Northampton ontvingen Peter en zijn vrouw June regelmatig veteranen van het Light Regiment, waarbij altijd de herinneringen
aan de strijd bij Oosterbeek naar boven kwamen.

Bij de opening van de speciale ‘Remembrance Garden’ bij de Walhampton Independent Prepatory School near Lymington in Hampshire op vrijdag 30 september 2016, was ook Peter Wilkinson aanwezig. Op de foto poseren v.l.n.r. Claar Ter Horst, Sophie Lambrechtsen-Ter Horst, Peter Wilkinson en Hiltje van Eck. (Foto via Titus Mills)

Na zijn pensionering begon PeterWilkinson zich intensief te verdiepen in de geschiedenis van artillerie tijdens de Slag om Arnhem. Die studie resulteerde in 1999 in de publicatie van zijn boek ‘The Gunners at Arnhem’. Vanaf dat moment fungeerde Peter veelvuldig als vraagbaak voor mensen die onderzoek deden naar de rol van de Britse Artillerie. Je was altijd welkom bij hem thuis en werd met veel hartelijkheid en gastvrijheid ontvangen. Peter deelde altijd met plezier zijn uitgebreide kennis over het onderwerp. Maar hij bleef altijd de rustige, bescheiden gentleman, die eigenlijk het liefst op de achtergrond wilde blijven. Met het overlijden van Peter Wilkinson verliezen we niet alleen een aimabele vriend, maar ook een van de mannen uit ‘the greatest generation’, een generatie waar we oneindig veel aan te danken hebben. (Robert Voskuil)

DREYEROORD BLIJFT VOORTBESTAAN

Er is een beslissing genomen over de toekomst van het voormalige Hotel Dreyeroord in Oosterbeek. De projectontwikkelaar AMVEST is begin februari met een nieuw ontwerp gekomen. Dit plan houdt in dat het huidige gebouw wordt gesloopt, maar dat het wordt herbouwd in de oude stijl. Het nieuwe gebouw zal er van buiten precies zo gaan uitzien als in de dertiger jaren van de vorige eeuw. Binnen zal het geheel worden ingericht voor de opvang van dementerende ouderen.
De Stichting ‘Behoud WO2 Erfgoed Gelderland’, die onlangs is opgericht en die is voortgekomen uit de Facebook werkgoep ‘Behoud Dreyeroord’, staat positief tegenover de nieuwe plannen. Voorzitter Wiljo Pas uit Oosterbeek is zeer enthousiast. Met zijn groep wist hij meer dan 20.000 handtekeningen te verzamelen tegen het verdwijnen van Dreyeroord. De ’Stichting Behoud WO2 Erfgoed Gelderland’ zal zich vanaf heden gaan inzetten om ook andere objecten te beschermen en de status te geven die zij verdienen.
In het volgende nummer van het Airborne Magazine komen we uitgebreid terug op de nieuw plannen voor Dreyeroord. Ook zal er aandacht worden besteed aan de vondsten uit de Slag om Arnhem, die bij opgravingen op het terrein tevoorschijn zijn gekomen.

KLEINE EXPOSITIE OVER AUDREY HEPBURN

Zat Audrey Hepburn echt in het verzet en klopt het dat ze een fascistische moeder had? Er is veel over Audrey Hepburn geschreven, maar weinig over haar periode in Arnhem tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het Airborne Museum ging op onderzoek uit met als resultaat de nieuwe tentoonstelling: ‘Moederliefde. Het geheim van Ella & Audrey’ met onder andere foto’s, en persoonlijke bezittingen van Audrey en haar moeder Ella. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog komt Audrey naar Nederland. Ze wordt herenigd met haar halfbroers en moeder Ella van Heemstra, die inmiddels twee huwelijken achter de rug heeft. Ondanks de oorlog weet de tienjarige Audrey haar danstalent in Nederland te ontplooien. Zo start ze hier haar balletopleiding en geeft ze diverse optredens. Dat het fascistische verleden van haar moeder Ella hier ook een rol in speelde, merk je zodra je in de tentoonstellingsruimte staat. De foto’s aan de muren vertellen het verhaal van Audrey en haar moeder in Nederland. De persoonlijke bezittingen, die staan uitgestald in een grote vitrine, zijn door de zoons van Audrey aan het Airborne Museum uitgeleend. Een stoeltje van Audrey, een schilderij dat vroeger in haar huis aan de muur hing, maar ook een foto waarop Audrey’s moeder Ella voor het hoofdkwartier van de Duitse fascisten staat. Een foto die vertelt over Ella’s sympathie voor het fascisme en haar uitgebreide netwerk dat ze gebruikte voor de carrière van haar dochter Audrey.
“Wat we met deze tentoonstelling willen laten zien, is dat er niet altijd een duidelijke scheiding Was tussen ‘goed’ of ‘fout’. In oorlogstijd maak je keuzes waarvan je denkt dat die het beste zijn voor je gezin”, vertelt Natalie Rosenberg van het Airborne Museum. “We laten de feiten zien. Een Nederlandse moeder die aan de ene kant een moreel kompas zocht en anderzijds opportunistische drijfveren had, om zo haar dochter kansen te bieden die zij zelf nooit heeft gehad.” Of Audrey nu wel of niet actief was in het verzet in Arnhem, blijft in het midden. “Aan de hand van de tentoonstelling vorm je daar zelf je gedachten over.”
De expositie ‘Moederliefde. Ella & Audrey’ werd geopend op 26 januari 2017 en is nog tot 20 augustus 2017 in het Airborne Museum te zien.
(Persbericht)

HET UITLADEN VAN DE HORSA GLIDER

Bij de 1e Britse Airborne divisie, die in september 1944 in de omgeving van Arnhem landde, waren 14 Nederlandse Commando’s van No 2 (Dutch) Troop van No 10 (Inter Allied) Commando ingedeeld. Eén van hen, Willem van de Waard, maakte deel uit van het hoofdkwartier van generaal Urquhart. Op zondag 17 september 1944 landde de Waard in de glider van generaal Urquhart op landing zone ‘Z’ bij Wolfheze. In een brief van 27 juni 1948, verzonden vanuit Batavia aan de Nederlandse commando Willem van de Veer, beschrijft hij deze landing. Van de Veer was toen bezig met het schrijven van een boek over No 2 (Dutch) Troop. “Toen de glider geland was, probeerden we er zo vlug mogelijk uit te komen, hetgeen nogal wat moeilijkheden opleverde omdat de staart muurvast zat. Uiteindelijk hebben we hem eraf moeten hakken om de jeep eruit te krijgen”. (Originele brief in het archief Airborne Museum) Hoewel voor zover bekend nergens anders melding wordt gemaakt over moeilijkheden met het ont-

Foto 1: Een glider, geland in de buurt van de huidige camping ‘De Lindenhof’. Links de losgekoppelde staart.

laden van deze glider, verwerkt Van der Veer deze gegevens in 1981in zijn boek “Oorlogsverhalen”. In het verhaal “Market Garden” beschrijft hij de sitatie als volgt: “Snel maakten we de veiligheidsriemen los en probeerden de staart van het toestel open te draaien, zoals we dikwijls gedurende de training hadden gedaan. Maar hoe we ook wrikten en wrongen, de staart zat muurvast. Er was geen beweging in te krijgen. Enkele seconden later sloegen we met grote hakbijlen verwoed het staartstuk aan splinters.” Ook in verschillende andere verslagen van de landingen en het ontladen van gliders lezen we dat het staartstuk soms moeilijk was los te krijgen. We vroegen ons af hoe die constructie nu precies werkte en wat de problemen konden zijn geweest. Daarvoor zijn we te rade gegaan bij de glider collectie van Paul Hendriks in Wolfheze. Dat is de enige plaats in Nederland waar alle gegevens over geallieerde gliders, de Horsa, de Hamilcar en de Waco, zowel in documentatie als in voorwerpen beschikbaar zijn. In ons geval gaat het over de Britse Horsa MK1 glider. Deze glider was opgebouwd uit verschillende afzonderlijke segmenten, die bij de eindmontage van het toestel aan elkaar werden gemonteerd. Het achterste deel, het staartstuk, was zo bevestigd dat hij eenvoudig weer losgemaakt kon worden. Hierdoor was het mogelijk zwaar rijdend materieel zoals jeeps, kanonnen en dergelijke snel te ontladen. (foto 1)
Het staartstuk zat op acht plaatsen met bouten aan de romp van de glider vast. Deze bevestigingen hadden de aanduiding ‘REAR FUSELAGE ATTACHMENT BRACKETS’. De tekeningen vinden we terug in het voorschrift AP 2097A, volume 1, Sectie 7, Hoofdstuk 1. (foto 2) Twee lange bouten (bolts) waren in een U-vormig aluminium huis onder en boven aan een lengtespant bevestigd. Ze staken door de spanten, die aan beide zijden aan de romp en staart tegen elkaar aan waren geplaatst (foto 4). Bij deze bouten zat aan de ene zijde een vaste kop, en aan de andere zijde een moer, die uit twee gelijk genummerde helften bestond. Deze werden bijeen gehouden door een bus met haaks daarop een steel. (quick release unit), (foto 3). Van deze quick release units zijn in de afgelopen jaren vele tientallen op de landingsterreinen bij Wolfheze gevonden. De unit werd op zijn plaats gehouden door een borgpen en extra met een borgdraad (locking wire) vastgemaakt. Aan de andere zijde werden de bouten aangedraaid met een ratel (ratchet spanner) (foto 5). Deze werd vervolgens met een leren bandje vastgezet.De staart zat zo voldoende vast aan de glider. Om nu de staart los te koppelen moesten alle bussen van de uit twee helften bestaande moeren afgeschoven worden, waarna de moerenschalen uiteen vielen. De bouten zaten nu niet meer vast en de gehele staart kon naar achteren geschoven worden. De bevestigingsbouten waren genummerd, waarbij de no’s 4 bovenin de glider als laatste tegelijk losgemaakt moesten worden. Een tekst op het spant in de glider gaf dan ook aan: “Remove no. 4 bolts last and together” (zie foto 6). Als er een te grote trekspanning op de bouten stond kon de bus vaak niet meer van de moerschalen (twee halve moeren) afgeschoven worden. Dit was veelal het gevolg van een zware landing. Het alternatief was dan de houten spanten stuk te hakken. Vervolgens moesten de verschillende draden die naar het staartstuk liepen doorgeknipt worden. Hiervoor zat er ook een draadtang bij de glider. Nadat de metalen uitrij-goten aangebracht waren kon het uitladen beginnen. Deze constructie, samengesteld uit gevonden glideronderdelen afkomstig van de landingsterrei-

nen, is te zien bij de Glider Collectie in Wolfheze. Grote delen van de verschillende gliders, die tijdens de operatie Market Garden werden gebruikt, zijn daar opgesteld. In de loop van 2017 is een bezoek aan dit particulier museum opgenomen in een van de Battlefield tours. Individueel het museum bezoeken kan ook. Voor de openingstijden zie: www.wolfheze.nl/glider/gliderman.htm of neem contact op met Paul Hendriks, telefoon: 06-10143467, e-mail: silentwings@online.nl (Wybo Boersma)

Steel wall at Arnhem, The destruction of 4 Parachute Brigade, 19 September 1944
Geschreven door: David Truesdale;
ISBN: 978-1-911096-05-4;
Uitgaver: Helion & Company, England;
Formaat: 338 pag; Engelse tekst; geill.;
O.a. te bestellen via www.helion.co.uk en ook verkrijgbaar in het Airborne Museum in Oosterbeek.
Prijs (in het museum): € 34,95

Van alle eenheden van de 1e Britse Airborne divisie die bij Arnhem vochten, is in de geschiedschrijving misschien de minste aandacht uitgegaan naar de 4e Parachutisten Brigade, die op 18 september 1944 onder bevel van Brigadier Hackett op de Ginkelse Heide bij Ede landde. In verschillende boeken worden de acties van deze brigade wel beschreven, maar pas in de afgelopen jaren zijn er gedegen studies verschenen over de drie parachutisten bataljons waaruit de brigade bestond. In 2009 verscheen het boek “From Delhi to Arnhem, 156 Parachute Battalion“ door John O’Reilly, in 2012 “Arnhem Their Final Battle, The 11th Parachute Battalion 1943-1944” door Gerrit Pijpers en David Truesdale en in 2016 “Desert Rise – Arnhem Descent, The 10th Parachute Battalion in the Second World War” door Martin Peters en Niall Cherry met John Howes en Graham Francis.

Voegt het boek van David Truesdale: ‘Steel Wall at Arnhem” hier nog iets aan toe? Niet echt. De geschiedenis van de brigade wordt tot in details in de drie eerder genoemde boeken beschreven. In zijn boek geeft Truesdale eerst een korte inleiding over het ontstaan van de verschillende bataljons en de acties, zoals die in Noord Afrika, waar zij bij betrokken waren. Daarna geeft hij een overzicht van de lotgevallen van de brigade van dag tot dag tijdens de Slag om Arnhem, veelal aan de hand van ooggetuigeverslagen. De schrijver heeft daarvoor vrijwel alleen gebruik gemaakt van Engelstalige bronnen. Duitse en Nederlandse literatuur en rapporten worden helaas gemist. Truesdale heeft soms de neiging om zowel in de tekst als in de bijschriften van de illustraties allerlei extra informatie te vermelden, die niet altijd even relevant is voor het eigenlijke verhaal. Zo voegt hij bij het noemen van namen van Britse militairen regelmatig allerlei achtergrond informatie toe, zoals afkomst van de man, eenheden waar hij vroeger bij gediend heeft, etc. Ook kan je je van een aantal illustraties in het boek afvragen wat zij met de 4e Brigade te maken hebben. Het boek eindigt met een Roll of Honour en een aantal andere bijlagen. Helaas zijn deze vaak onvolledig en soms zelfs niet relevant. Je krijgt enigszins het gevoel dat ze zijn toegevoegd om het boek voldoende volume te geven. Jammer, want op zich het is een goed uitgevoerd publicatie. Voor wie de eerder verschenen bataljonsgeschiedenissen gemist heeft of alleen een algemeen overzicht wil lezen, kan dit boek van nut zijn, maar verwacht geen nieuwe inzichten over het verloop van de operaties bij Arnhem, waarbij de 4e Brigade betrokken was. (Wybo Boersma)

MINISTORY NUMMER 125 EEN KORT VERSLAG VAN OPGRAVINGEN IN HET WEILAND ACHTER DE OUDE KERK IN OOSTERBEEK, DIE WERDEN UITGEVOERD IN 1997 EN 1998

In 1997 en 1998 werd historisch onderzoek gedaan in het weiland direct zuidelijk en oostelijk van de Oude Kerk in Oosterbeek. Het doel was om door middel van opgravingen na te gaan wat er nog aan overblijfselen van de strijd in september 1944 in de bodem aanwezig was. Het onderzoek werd uitgevoerd door Dick Timmerman, Hans Timmerman en David van Buggenum uit Arnhem. Deze groep had een speciale vergunning van de Gemeente Renkum verkregen om dit soort onderzoek uit te voeren.
Evenals nu, was het toen ook al streng verboden om in de gemeente zonder officiële toestemming op openbaar terrein naar overblijfselen uit de Tweede Wereldoorlog te zoeken. Sinds de hier beschreven opgraving heeft dit team in overleg met de gemeente Renkum nog een aantal plaatsen onderzocht. Daarbij is altijd nauw samengewerkt met het ‘Explosieven Opruimings Commando’ (EOC) en met de ‘Bergings en Identificatie Dienst van de Koninklijke Landmacht’ (BIDKL).
Dit artikel is een samenvating van het rapport dat door de drie onderzoekers naar aanleiding van deze opgraving werd geschreven.

Aard van het onderzochte terrein
Het perceel grasland ligt zuidelijk en oostelijk van de Oude Kerk in Oosterbeek. Het wordt van noord naar zuid doorsneden door een gemetselde open watergoot. Aan de zuidzijde loopt de ‘Leigraaf ’, een brede, ondiepe sloot. Aan de oostzijde ligt de Polderweg, de toegangsweg tot Camping ‘De Rijnoever’. Aan de noordzijde grenst het terrein aan de Benedendorpsweg en aan de muur, die ten oosten, zuiden en westen van de kerk ligt. Ten westen grenst het perceel aan de moestuin en de boomgaard van de familie Ter Horst. Vanaf de muur aan de zuidzijde van de kerk loopt het perceel sterk af. Naar schatting bedraagt het hoogteverschil tussen de plaats van de muur en de sloot ca. 1.50 meter. Dit betekent ook dat de bodemgesteldheid en het grondwaterniveau verschillend zijn. Bij de keermuur is de grond kurkdroog en zandig. Het bevat veel puin. Bij de Leigraaf, bestaat de bodem uit matige tot zware klei. Omdat de grondwaterstand daar dichter bij het oppervlak ligt, is het daar ook veel vochtiger.

Wat gebeurde er in september 1944?
Het terrein dat werd onderzocht, was tijdens de Slag om Arnhem een van de posities van het 1st Airlanding Light Regiment Royal Artillery. Op maandag 18 september 1944 waren op het terrein drie 75mm Pack Houwitsers opgesteld van F Troop, No 3 Battery. De stukken geschut waren neergezet in ondiepe gunpits, in dit rapport ‘stellingen’ genoemd. Vanuit deze posities heeft F Troop o.a. vuursteun kunnen geven aan de Britse troepen die bij de Rijnbrug in Arnhem vochten.

Verkleinde kaart van het onderzoeksgebied bij de Oude Kerk in Oosterbeek met alle lokaties waar vondsten werden gedaan. Deze lokaties zijn voorzien van een nummer dat correspondeert met de nummers op een lange lijst in het originele rapport, waarop tot in detail alle vondsten zijn vermeld.

Op dinsdag 19 en woensdag 20 september trokken de restanten van de Britse bataljons, die hadden getracht door te breken naar de mannen van Frost bij de Rijnbrug, zich terug in het Benedendorp in Oosterbeek. Deze Thompson Force, later Lonsdale Force genoemd, zou de posities rond de Oude Kerk tot het eind van de strijd verdedigen.

Het onderzoek Zaterdag 28 juni 1997
De eerste onderzoeksdag. We weten niet precies wat ze kunnen verwachten, omdat er van wordt uitgegaan dat dit terrein al eerder door mensen met een metaaldetector is onderzocht. We weten echter dat het moeilijk is een weiland als dit grondig te onderzoeken, vanwege de grote oppervlakte, de wijze waarop de meeste zoekers te werk gaan en het feit dat onze voorgangers meestal illegaal hebben gezocht.
Er wordt begonnen met zoeken bij de muur aan de zuidkant van de kerk, omdat bekend is dat daar in het verleden ook verschillende vondsten zijn gedaan. Direkt bij de muur vindt Hans twee munitierekken bestemd voor 75mm granaten. De rekken liggen tegen de muur aan in een droog mengsel van zand en puin en zij verkeren in opmerkelijk goede staat. Op een aluminium plaatje op het rek is duidelijk leesbaar: ‘AMMUNITION FOR CANON WITH EXPLOSIVE PROJECTILE 68.99 LBS CUFT US’. Het lijkt er op dat bij de opruimwerkzaamheden na de oorlog veel oorlogsrestanten samen met het puin achter de muur gestort zijn. Er vlak naast vind David een Britse parachutistenhelm, waar ooit webbing kinbanden aan gezeten hebben. De helm verkeert in een goede staat. Niet lang daarna vindt David in een nieuw gat op ongeveer een meter diepte twee munitierekken en een 75mm granaathuls. De onderzoekers zijn zeer enthousiast, want dit is boven verwachting.

Hans zoekt verder bij de muur en vindt de overblijfselen van een munitiekist voor .303-Vickers patronen en een koelingreservoir, dat bij een Vickersmitrailleur hoorde. David is het weiland ingegaan en vindt een Britse handgranaat, een 2-inch mortiergranaat (rook) en een zogenaamde tondeldoos, een vooloper van het hedendaagse luciferdoosje. Deze tondeldoos dateert uit ongeveer het eind van de 19e eeuw.

Opgegraven vondsten, waaronder vier 75mm hulzen, een rek voor 75mm granaten, Britse veldfles, Britse spijkerbajonet en dekseltjes voor kokers waarin granaten werden vervoerd.

Wybo Boersma van het Airborne Museum brengt een bezoek aan de Oude Kerk met een groep Duitsers, varierend in leeftijd van 30 tot 50 jaar. Ze zijn zeer geinteresseerd in onze vondsten, vooral in de Fallschirmjäger helm. Er wordt verder gezocht in de buurt van een voormalige stelling van een 75mm kanon, dichtbij de Leigraaf. Daar vindt David een deel van een munitierek en daar vlakbij een bandelier met een aantal clipsv.303-inch patronen. Daarna verplaatst hij zich invde richting van de Bedendendorpsweg, en vindtveen Brits pionierschopje. Ter hoogte van de weg graaft hij nog een bandelier met .303-inch patronen op. Om een uur of vijf wordt de dag besloten met het nemen van foto’s van de vondsten. Deze eerste zoekdag was zeer succesvol.

Dinsdag 8 juli 1997
In de ochtend vindt David twee kapotte granaathulzen en twee handgranaten. Direkt daarna stuit hij op overblijfselen van een parahelm met resten van een schedel erin. Aangezien het niet duidelijk is of het om menselijke of dierlijke resten gaat, wordt niet verder gegraven en wordt de politie gewaarschuwd.
Dick zoekt in de buurt van het muurtje en vindt een meetlineaal, dat waarschijnlijk bij een 75mm kanon hoort, en een magazijnvuller voor een Brengun. Dan arriveert politieagent Erik Boer, die de parahelm inspecteert. Met hem wordt een afspraak gemaakt over de plaats waar het Explosieven Opruimings Commando de gevonden munitie kan vinden. De zoekactie wordt voortgezet langs de Benedendorpsweg. Dick vindt vlakbij het bushokje een ’Jerrycan’, een Britse veldfles, een beschermingsdop voor een 2-inch mortiergranaat en op de hoek van het weiland een Duitse 8cm mortiergranaat. Deze blindganger is ongetwijfeld afkomstig van een van de vele Duitse mortierbeschietingen van dit gebied. David vindt achter het bushokje verschillende clips .303 patronen. Hij verplaatst zijn zoekterrein naar de andere kant van het weiland. Bij een voormalige stelling van een 75mm kanon graaft hij een knopenschaar, een Engelse lepel en enkele gespen op. Hans zoekt verder bij de muur en vindt de resten van een leren tas voor een vizier/kijker van een .303 VICKERS GUN. Dit is met enige moeite op de tas te lezen. Dit zou een interessante aanwinst kunnen zijn voor het Airborne Museum, dat in het bezit is van een VICKERS GUN, die vlak bij deze plek in de sloot is gevonden. De laatste vondst van deze dag is een aantal doppen van de kartonnen kokers voor 2-inch mortiergranaten, die nog voor een groot deel bedekt zijn met groene verf.

Woensdag 9 juli 1997
Vandaag komen de medewerkers van de Bergings en Identificatie Dienst (BIDKL) en het EOC langs. De medewekers van de BIDKL graven de op 8 juli aangetroffen parahelm met schedelresten op. Na onderzoek blijkt dat het niet te gaat om menselijke resten, maar om de schedel van een schaap. Het EOC verzamelt de gevonden munitie en voert deze af.

Zaterdag 19 juli 1997
Eerst wordt op een aantal plaatsen in het weiland gezocht. David vindt weer een handgranaat en een spijkerbajonet met een kruisvormig lemmet. Ook Hans vindt een handgranaat. Vervolgens besluit hij de diepzoeker te voorschijn te halen om de voormalige stelling van een 75mm kanon bij de Leigraaf aan een onderzoek te onderwerpen. Binnen de stelling, die herkenbaar is als een ondiepe ronde kuil met een diameter van ongeveer vier meter, laat de meter van de metaaldetector een wisselend beeld zien. In de westzijde van de stelling, achter de positie waar destijds het kanon heeft gestaan, lijken veel kleine objecten bij elkaar te liggen. Hans besluit te gaan graven. Op ongeveer een halve meter diepte bereikt hij de bodem van de stelling. Het eerste dat tevoorschijn komt is het deksel van een munitierek. Nadat hij het

Hans Timmerman met een zojuist opgegraven rek voor drie 75mm granaten.

rek heeft verwijderd blijkt dat de bodem van de stelling bezaaid ligt met beugeltjes, die bedoeld waren voor de bescherming van de ontstekers van de 75mm granaten. Deze beugeltjes moesten worden verwijderd, voordat de granaten werden afgesteld en afgeschoten. Tevens liggen er het overblijfsel van een schede van een spijkerbajonet, een lepel en een dop van een tube tandpasta van het merk ‘Colgate’. De meest opmerkelijke vondsten zijn twee sleutels, die bestemd waren om de ontsteking van de granaten af te stellen. De sleutels zijn van het type Setter Fuse M14 en verkeren in een zeer goede staat. Ze zijn groen geverfd met daaroverheen een deel in rood, zodat ze goed opvallen. Zelfs de tekst is leesbaar. In de hoek van het weiland wordt nog een schuttersput getraceerd, waarin alleen .303-inch patronen en enkele tubes anti-gaszalf liggen. Later in de middag zoekt Hans met de ‘diepzoeker’ bij de muur, wat direct flinke uitslagen van de meter tot gevolg heeft. Na ongeveer 75 cm diep te hebben gegraven in het puin van de kerk, vindt Hans twee munitierekken van 75mm granaten, die in een goede staat verkeren. De aluminium plaatjes, waarin het type granaat is gestanst, zijn zo goed als nieuw. De laatste vondst van de dag is een handgranaat. Rond vijf uur wordt het zoeken beeindigd.

Donderdag 31 juli 1997
Bij de scheiding tussen de moestuin en het weiland vindt David een gevouwen blik, waarop een Engelse tekst staat die we niet begrijpen. Ook ligt er een kapotte granaathuls van een 75mm granaat. Hans vindt weer een Britse handgranaat, die hij bij de andere voegt. Vlak daarbij vindt hij een bijzonder soort poetsgereedschap, waarvan de functie overeenkomt met een ‘knopenschaar’, maar waarvan de vorm totaal anders is. Een paar meter er vandaan komt een vol Stengun-magazijn te voorschijn.

Zaterdag 16 augustus 1997
Er wordt begonnen met een onderzoek van de overgebleven stelling van een 75mm kanon, Dick vindt de derde Setter Fuse M14, met dit keer een blauw handvat, een aantal beschermingsbeugeltjes van de onstekers van de granaten, deksels van granaatkokers en enkele zware ijzeren onderdelen die waarschijnlijk afkomstig zijn van het kanon. Ook komen er een mok, een schede van een spijkerbajonet en verschillende gespen van een militaire tas te voorschijn. In de rand van de stelling ligt ook nog een handgranaat. David traceert een kuil waarin een aantal deksels van munitiekokers ligt en een 2-inch mortier (rook). Vlak tegen de stelling bij de Leigraaf geeft de diepzoeker een sterk signaal. Het blijkt een overblijfsel te zijn van een schuttersput, waarin een munitierek voor 75mm granaten, een zestal volle Stengun-magazijnen, een mok en de overblijfselen van een etensblik worden aangetroffen. ’s Middags vindt David een totaal doorzeefde granaathuls van een 75mm granaat, drie handgranaten, en deksel van een container voor 17-ponder granaten en de overblijfselen van een ontplofte Duitse Nebelwerfer granaat.

De oogst van de eerste opgraving op 28 juni 1997. Op de foto zijn o.a. zichtbaar een Brits pioniersschopje, drie rekken voor ieder drie 75mm granaten (‘klaverbladen’),een Britse parahelm, een 75mm granaathuls, een handgranaat en .303 munitie.

Zondag 17 augustus 1997
Hans onderwerpt een aantal putten met de diepzoeker aan een nader onderzoek. David loopt intussen met de metaaldetector een route evenwijdig aan de Benedendorpsweg, maar dat levert niets op. Ook Hans vindt weinig bijzonders. In het begin van de middag arriveren twee politieagenten om afspraken te maken over de bewaarplaats van de gevonden munitie.

Zondag 15 maart 1998
Vandaag willen we de hoek bij het electriciteitshuisje onderzoeken. Na enkele graafpogingen vinden we alleen puin en verroest ondefinieerbaar ijzer. David zoekt intussen in een strook weiland, dat grenst aan de Benedendorpweg. Hij vindt twee Britse handgranaten, een spijkerbajonet, een clip Britse .303-inch patronen en de overblijfselen van een Britse veldfles. Hans besluit terug te gaan naar de stelling bij de Leigraaf om de schuttersput, die we op 19 juli 1997 al gedeeltelijk hebben uitgegraven, verder te onderzoeken. Eerst verwijdert hij de klei die we vorig jaar al hebben uitgegraven. Daarna voert hij opnieuw een meting uit met de diepzoeker, die op stand 4 redelijk uitslaat. Hans vindt verschillende granaatscherven, een sigarettendoos en op ongeveer 75 cm diepte een boomstronk, die daar waarschijnlijk al vijftig jaar ligt. Hans gaat er van uit dat het gat minimaal deze diepte heeft gehad. De metaaldetector blijft uitslaan wat motiveert om verder te graven. De stronk wordt uitgegraven en Hans graaft nog een meter dieper. De detector geeft aan dat er onderin het gat nog meer ligt. Dick neemt het zware graafwerk over en vindt een zwaar verroest Stengun-magazijn, de resten van een regencape en een doosje met tubetjes anti gaszalf. Iets dieper stuit hij op een 75mm granaathuls. Onderin het gat wordt het vanwege het grondwater steeds drassiger, waardoor het moeilijk wordt om te zien wat er verder ligt. Dick graaft verder en vindt een oliebuisje voor een Lee-Enfield geweer en nog twee granaathulzen met de resten van de kartonnen kokers, waarin zij verpakt zijn, eromheen.

Opgegraven vondsten. Britse veldfles, tas, stukken van 75mm hulzen, .303 munitie, gespen, knopenschaar, lepel, staartstuk van een mortiergranaat.

Het bijbehorende rek, waarin de kokers zitten, komt ook te voorschijn. De aluminium plaatjes op het rek zijn als nieuw. Op een ervan is te lezen: ‘3-ROUNDS COMPLETE SHELL H.E., M 48, 75 MM PACK Howitzer, M I WITH FUZE T.& S.Q., M 54 L.B.M. LOT 6965-567’. Alles verkeert door de diepe ligging in goede staat. Hans neemt het graafwerk over en ziet in de wand van het gat op ongeveer een halve meter diepte de restanten van een rode baret met een embleem van de Royal Artillery erop! Het enthousiasme groeit.
Intussen groeit het aantal toeschouwers, waaronder Chris van Roekel, Aad Groeneweg en Robert Voskuil. Iedereen is gefascineerd door de bijzondere vondsten uit een oorlog, die ineens een stuk dichterbij lijkt. Hans zit tot zijn knieën in de drek, maar graaft verder en vindt een tweede rek, met daarin drie hulzen. Daarna volgen er nog drie hulzen. Het rek dat daarbij hoort is door de grote diepte en de steeds grotere hoeveelheid grondwater onbereikbaar. Daarnaast zijn we door het zware werk dusdanig vermoeid dat doorgraven niet verstandig lijkt.

Zaterdag 25 april 1998
Vandaag wordt besteed aan het verder graven op de plaats waar we op 15 maart zo’n succes hadden. Uit de eerste halve meter klei komen verschillende deksels van kokers en andere ondedelen van rekken van 75mm granaten te voorschijn. Daarna volgt een spijkerbajonet, enkele zeer slechte .303-inch patronen en na ongeveer een meter graven een nog volledig groene veldfles. We krijgen bezoek van enkele Engelsen, die zichtbaar enthousiast zijn over onze vondsten. Nadat ze vertrokken zijn graaft Dick weer verder. Het grondwater sijpelt gestaag uit de wand, maar het valt gelukkig nog mee. Bijna bij de bodem aangekomen, komen er een aantal zilveren dubbeltjes, kwartjes en een vierkante stuiver te voorschijn. Op ongeveer twee meter diepte stuit Dick op het rek dat we de vorige keer hebben achtergelaten. Weer komen er vier 75mm granaathulzen tevoorschijn. De kartonnen kokers zitten er in stukken omheen. In de kuil ligt ook een Britse handgranaat, die nog zo goed als nieuw is. Volledig in de verf met rode strepen en een messing dop aan de onderzijde. We spoelen alles af in de sloot, gooien de kuil dicht en begraven de gevonden munitie. Daarna vertekken we.

Zondag 19 juli 1998
Op een luchtfoto uit 1945 is in het weiland een put zichtbaar, die zich in het terrein nog aftekent als een verlaging. Dat is voor David en Hans aanleiding om daar een onderzoek in te stellen. De meter op de diepzoeker geeft geen geweldige uitslag, maar er wordt toch begonnen met graven. De eerste halve meter bevat verschillende deksels van kokers van granaten, enkele gespen en het overblijfsel van een alumnium typeplaatje van een granaatrek. Hierna blijken er, tot ongeveer anderhalve meter diep, alleen nog resten van leistenen dakpannen van de kerk in de kuil te liggen. De rest van de dag zoeken we her en der in het weiland, maar er je merkt dat er overal goed gezocht is, want buiten vijf staarten van Duitse 8cm mortiergranaten en enkele Britse patronen komt er niets meer te voorschijn. We besluiten de zoekactie voor deze lokatie te beëindigen. (David van Buggenum, Hans Timmerman en Dick Timmerman)

Dick Timmerman met een zojuist opgegraven 75mm huls

PROGRAMMA 2017

18 MAART
Jaarvergadering VVAM
Plaats: Concertzaal, Rozensteeg 3, Oosterbeek
Tijd: 10.30 uur, zaal open 10.00 uur
Toegang alleen leden VVAM op vertoon van lidmaatschapskaart 2017. Aansluitend lezing van de Martin Peters over het 10e Parachutistenbataljon
22 APRIL
Wandelexcursie over de landingsterreinen met bezoek aan de Glider Collectie Wolfheze
Plaats: Glider Collectie, Chaletpark De Lindenhof, Wolfheze
Tijd: 13.30 – 17.00 uur
Kosten: Leden VVAM € 7,50, niet leden € 12,50
17 – 21 MEI
Battlefield tour Normandië
10 JUNI
Jaarlijkse beurs van 2e hands boeken en documenten m.b.t. de 2e Wereldoorlog
Plaats: Concertzaal, Rozensteeg 3, Oosterbeek
N.b: Deze activiteit, de datum en plaats is een voorlopige planning. Eind februari 2017 worden de gegevens definitief. Voor meer informatie mail naar: w.boersma@wxs.nl
23 – 25 Juni
De Britse leden van de VVAM houden hun 2 jaarlijkse Nederland weekend
1 JULI
Wandelexcursie “De straatgevechten ten noorden van de Utrechtseweg”
Start: Airborne Museum Hartenstein. Afsluiting bij restaurant Schoonoord, Oosterbeek
Tijd: 13.30 – 17.00 uur
Kosten: Leden VVAM € 7,50, niet leden € 12,50
9 SEPTEMBER
Battlefield tour Arnhem “Negen dagen strijd bij Ede, Arnhem en Oosterbeek, september 1944. Een tocht over het slagveld“
Startplaats: Talsmalaan naast het Airborne Museum Hartenstein
Tijd: 09.30 – 17.00 uur
Kosten: Leden VVAM € 37,50; niet leden € 45,00
De tour staat onder leiding van Wybo Boersma, gids van de International Guild of Battlefield Guides. De tour is inclusief busvervoer en lunch. Iedere deelnemers ontvangt een gids van deze tour.
14 OKTOBER
Battlefield tour: “Operatie Pegasus 1“ Battlefield tour in samenwerking met het Platform Militaire Historie Ede
Start: Infocentrum P.M.H.E., Voormalige Prins Mauritskazerne,
Nieuwe Kazernelaan 2, Ede
Tijd: 09.30 – 17.00 uur
Kosten: Leden VVAM € 37,50, niet leden € 45,00
De tour staat onder leiding van gidsen van het Platform Militaire Historie Ede. De tour is inclusief busvervoer en veld lunch
4 NOVEMBER
Airborne Day
Uitstalling en uitleg van Airborne materiaal en documenten van leden. Mogelijkheid tot ruiling, boekendienst en andere activiteiten
Plaats: Concertzaal, Rozensteeg 3, Oosterbeek
Tijd: 10.00 – 15.30 uur
Kosten: Leden VVAM € 2,50, niet leden € 5,00
Deze activiteit wordt in de loop van 2017 nog nader uitgewerkt.
In het juni/juli Airborne Magazine worden de verdere plannen voor deze activiteit vermeld.

Voor aanvullende informatie over de verschillende activiteiten, opgave van deelneming en eventuele wijzigingen zie de
website www.vriendenairbornemuseum.nl of mail naar w.boersma@wxs.nl Informatie kunt u ook vinden op de sites van www.battlefieldtours.nu en www.documentatiegroep40-45.nl

AIRBORNE MAGAZINE
Het Airborne Magazine is een uitgave van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum, Oosterbeek en verschijnt drie keer per jaar. Het doel is bekendheid te geven aan het Airborne Museum, de activiteiten van de Vereniging Vrienden en de geschiedenis van de Slag om Arnhem.
Redactie: Wybo Boersma MBE, Jasper Oorthuys (+ vacature)
Archivering & distributie losse nummers van het Magazine: Wybo Boersma, Ede.
Ontwerp en lay-out: Christy Beall
Druk: Wedding Proson, Harderwijk
E-mail adres VVAM: info@vriendenairbornemuseum.nl
Telefoonnummer VVAM: (0318) 639633.
Postadres: Vrienden van het Airborne Museum, Postbus 6710 AA, Ede
Website: www.vriendenairbornemuseum.nl
Coördinator Airborne News Flash: Vincent Luiten
Vertegenwoordiger van de VVAM in het Verenigd Koninkrijk: Niall Cherry, email adres: Niall.Cherry@baesystems.com

DOWNLOAD een PDF versie

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Vraag of reactie?
Laat hier uw reactie achter.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.